Langs de west- en zuidkust

Voor dit verslag reken ik tot de westkust het gebied tussen Colombo en Galle. Aan de zuidkust rijden we van Galle naar Hambantota. Veel verder is de kust niet te volgen omdat daar geen wegen zijn. Hier liggen twee grote wildparken, Bundalla en Yala. (Zie ook de kaart.)

 

Zonsondergang boven de monding van de Kelani Rivier
Mattakuliya aan de Kelani Rivier

Na een bezoek aan kennissen in Mattakkuliya rijden we via de meest westelijke brug over de rivier de Kelani terug naar Negombo. Mattakkuliya is de noordelijkste wijk van Colombo en wordt ook wel Colombo 15 genoemd. Wie van de luchthaven naar Colombo rijdt, kijkt rijdend over een van de bruggen, letterlijk neer op deze wijk. En wat dan opvalt zijn de vele krotjes langs de rivier. Door de tsunami is ook deze wijk getroffen, zij het dat hier minder van een vloedgolf sprake was, maar meer van plotseling hoog water. Duidelijk is te zien dat langs de rivier krotten hebben gestaan; deze zijn dus weggespoeld. In Nederland hoorden we dat in deze wijk zes doden zijn gevallen, maar in Sri Lanka zei men dat hier eigenlijk niets gebeurd was op het hoge water na. Op een schoolplein is een groot tentenkamp ingericht voor de daklozen uit deze omgeving, midden in een wijk waar het leven gewoon doorgaat. In de kranten lazen we dat er geklaagd werd over het feit dat het schoolplein niet gebruikt kon worden door deze tenten.

 

We maken een driedaagse rondrit in een busje met een chauffeur. We kiezen ervoor om eerst langs de kust naar het zuiden te rijden, van Colombo tot Hambantota verwachten we vooral schade te zien. Als we dan door het binnenland teruggaan naar Negombo eindigen we, althans deze drie dagen, met het mooiste deel van Sri Lanka. We beginnen met dezelfde weg die we al eerder met het FHP hebben gereden. Dat kan nu eenmaal niet anders.

 

Westkust

Bij Payagala kruist de weg de spoorlijn en gaat verder vlak langs de zee. Hier zijn zo ongeveer alle gebouwen, inclusief het station vernietigd door het water. Iets verder liggen op de smalle zandstrook tussen de weg en de zee vernielde vissersboten. Een meter of twintig vanaf het strand ligt een gezonken jacht. En van de hutjes die vroeger tussen de weg en de zee stonden, is helemaal niets meer terug te vinden.

 

Trein bij Telwatte
Erna geeft een kind een knuffeldiertje
Moeder en kind in noodwoninkje

Bij Telwatta liggen de resten van de trein die door het water van de rails is gespoeld. Het dodental onder de reizigers is niet vast te stellen. Afgaande op de kaartverkoop, het reisgedrag inclusief zwartrijden, enzovoort, schat men dat het er zo’n 1500 zijn geweest. De rails is snel na de ramp gerepareerd. Ernaast is een stuk van de oude rails neergelegd met daarop drie wagons. De andere wagons en de locomotief zijn afgevoerd om gerepareerd te worden. Er zijn plannen om van de resten een museum te maken. In de omgeving van de trein is door 

Nederlandse vrijwilligers veel gedaan aan het bouwen van noodwoningen en het plaatsen van tenten.

 

Verder naar het zuiden ligt de vestingstad Galle. De vesting met de bebouwing erin is nagenoeg onbeschadigd. Maar de omgeving is hard getroffen. Het cricketstadion, gebruikt voor belangrijke interlands, is zwaar beschadigd. (Sri Lanka behoort tot de wereldtop van het cricket.) Een van de eerste filmpjes die in Nederland op televisie te zien waren van de tsunami was opgenomen in Galle. Hierin was het busstation te zien waar mensen weggespoeld werden in het water. Volgens de verhalen ter plekke hebben al deze mensen de ramp overleefd. Een beschadigde brug is effectief gerepareerd door er gewoon een nieuwe overheen te leggen.

 

Boten op de kust gegooid

We volgen inmiddels de zuidkust. Matara was in het nieuws doordat de gevangenis vanwege het water openging. Hier zijn toen zo’n 300 gevangenen ontsnapt. Matara zelf ligt hoger, op een rots en heeft daardoor weinig schade opgelopen. Maar ook hier is de omgeving hard getroffen.

 

Verder de zuidkust volgend naar het oosten is het beeld steeds hetzelfde. Sommige stukken liggen wat hoger en zijn ongeschonden, maar de lager gelegen delen zijn zo goed als weggevaagd, zowel planten als bebouwing. Alleen van de sterkere gebouwen staat nog wat overeind. En van de begroeiing, valt ons op, zijn de palmen blijven staan. Wat verder is blijven staan, is dood gegaan door het zoute water. We overnachten in een hotel dat op een rots ligt en geen schade heeft opgelopen.

 

Vrijwel alle huizen zijn weg aan de kust in Hambantota
Moeder en kind op de kale resten van de kustwijk van Hambantota

De volgende dag komen we in Hambantota. Deze plaats kennen we nog van vorige reizen. Hier was het altijd druk op straat. Vlak bij de hoofdweg was de markt met alle drukte van dien. Nu was het er naargeestig stil, nog beklemtoond doordat de houten restanten van de markt er nog stonden, maar zonder mensen en zonder groenten, fruit en andere koopwaar. De klok is blijven staan op vijf over acht. Dat is de tijd dat het water hier kwam. De weg gaat vervolgens langs een deel van de stad met duurdere huizen vlak aan de zee. Aan beide zijden van de weg is nu een mengeling van kaalslag, dode bomen en groene palmen, puin en tenten, waartussen grotere machines en vrachtwagens bezig waren met herstelwerkzaamheden.

 

Ga naar Sri Lanka hoofdpagina

Ga naar vorige pagina

Ga naar volgende pagina